In Memoriam

Guido Depraetere

Izegem 26 november 1946 – Roeselare 12 augustus 2006

Uitgesproken tijdens de uitvaartmis op Vrijdag 17 augustus 2006 in de parochiekerk van Sint-Michiels

*
*    *

Zo tedere schade als de bloemen vrezen
Van zachten regen in de maand van mei,
Zo koel en teder heeft uw sterven mij
Schade gedaan, die nimmer zal genezen.

Het gevoel van, zachte vertwijfeling dat velen hier vandaag hebben, zal dit vers van Weremeus Buning voor hen herkenbaar maken. Wij treuren samen.

Guido, in 1946 in Izegem geboren, heeft zijn vroege kinderjaren in Ingelmunster doorgebracht, onder de hoede van zijn oudere vader die hij nooit bewust heeft gekend maar voor wie hij steeds belangstelling en eerbied betoonde. Het leven van deze bankdirecteur, volkskundige, medestichter van de Bond van grote gezinnen, actief op veel terreinen, boeide en stimuleerde hem. Met zijn jonge moeder, die hij aanbad, en met zijn twee zusters, kwam hij, na diens dood, in Brugge wonen. 

Hij maakte er zich stilaan bekend: bij de scouts en in de scoutsharmonie Sint-Leo waar hij klarinet speelde, in het amateurtoneel bij wie hij op de planken stond, bij de schooljeugd waar hij onder de naam Inter-Reto de eerste Brugse honderd-dagenviering organiseerde, weldra als dj van Studio Barcka, de onmisbare muziekleverancier op menig feest en beroepshalve als jonge wiskundeleraar in een middelbare school. Toen hij zich in 1970 liet verleiden om in de verkiezingen voor de gemeenteraad van Groot-Brugge mee te dingen, was de jonge man al een bekende Bruggeling en werd hij verkozen. Twaalf jaar lang zou hij in het bestuursorgaan van zijn stad zetelen en zich inzetten.

Guido, - Hilaire voor zijn jeugdvrienden -, slanke jongen met, naar de mode van de tijd, getailleerde hemden en strakke jasjes boven een broek met wijd uitlopende pijpen, trok de aandacht door zijn leuk gezicht met twinkelende ogen, omkaderd door blonde lokken, af en toe tot op de schouders. Samen met Trien, de vrouw van zijn leven, leek hij als ontsnapt uit een tekening van Peyret, de meester van de verliefde koppeltjes.

De Guido van toen was toen al zoals elkeen van ons hem heeft gekend. Enerzijds de vriendelijkheid, voorkomendheid en charme zelf; anderzijds de rustige chef die een natuurlijk gezag uitstraalde. Een samenkomst met hem erbij was altijd een feest. We zijn met velen die, naar het woord van Guido Gezelle, kunnen zeggen:

‘k Heb menig uur bij u
gesleten en genoten,
en nooit en heeft een uur met u
me een enkelen stond verdroten.

Een wat saai bestaan was niet zijn ambitie, terwijl zijn hobby’s hem voorbereidden op activiteiten in de wereld van podia en entertainment. Een eerste doorbraak kwam er toen hij aan een soort ‘ontdek de ster’ deelnam onder de wat gekke titel van ‘Moeder Mooiste’. Zijn zelfzekerheid en zijn présence deden hem winnen. Nu en dan eens een programma-tje mogen presenteren was evenwel niet waar hij op aanstuurde. Hij schreef zich dan ook in voor het aartsmoeilijke examen van producer, en als één van de vier onder de honderd en twintig kandidaten, slaagde hij, na zenuwslopende maanden van examens afleggen, in wat een echte afvallingskoers was. Dat was in 1982 en hij kon aan de slag bij de publieke omroep. Zes jaar later bood zich de grote uitdaging aan, het op korte tijd uit de grond stampen van een nieuw TV-station. Het vertrouwen genietend van de bestuurders, slaagden hij en Mike Verdrengh er in, uiteraard met de medewerking van velen, om, tegen pessimistische voorspellingen in, een succesvolle organisatie tot stand te brengen.

De commerciële zender legde zich in de eerste plaats de opdracht op om ontspanning te bieden aan velen. Dit belette niet dat Guido groot belang hechtte, niet alleen aan het niveau van die ontspanning, maar ook aan de noodzaak van een voortreffelijke nieuwsdienst, van goede informatieve programma’s en van hoogstaande eigen producties En men zal niet vergeten dat hij caritatieve initiatieven van grote allure nam, onder meer met de marathonprogramma’s van ‘Kom op tegen kanker’.

Voortaan werd hij algemeen bekend als succesvol bedrijfsleider, als charismatisch inspirator en begeleider van mensen, als de voor en na steeds sympathieke, joviale, beminnelijke man. Men kon, in deze nochtans zo competitieve en moeilijke audiovisuele wereld, geen kwaad woord over hem horen. Daarbij zegde niemand ‘Mijnheer Depraetere’, voor elkeen was hij ‘Guido’. Wat iedereen in het huis aan de Medialaan over de ‘founding father’ dacht, werd duidelijk tijdens een schitterende uitzending die aan hem werd gewijd. Toen kon je hem zien, zoals we hem thans ook kunnen voorstellen, monkelend en relativerend bij de lof die hem werd toegezwaaid en zeggend ‘Héla, niet overdrijven hé’.

Toen er na een aantal jaren, ongewild, wat méér luwte in zijn beroepsleven kwam, bleef hij actief als deskundig adviseur zowel bij VTM als in het buitenland, en amuseerde hij zich met het creëren van een stripfiguurtje en het optreden tijdens one-manshows, vaak georganiseerd voor een goed doel. Het was ook de tijd dat hij zich, nog méér dan vroeger, interesseerde aan het wereldgebeuren in brede zin, boeken verslond en over de samenleving, de politiek, de zin van het leven, religie en andere diepe onderwerpen graag de discussie aanging, zijn twijfels verwoordde, zijn overtuigingen meedeelde.

Tijdens al die jaren bleef hij aan Brugge verbonden en verknocht. Het zinde hem niet om ergens om of rond de hoofdstad te moeten neerstrijken. Brussel dat was het werk, ook al deed hij het zielsgraag en al was hij bijzonder dankbaar voor de vriendschappen die hij er kon opbouwen. Al het overige, het gezin, de familie, de vrienden, de sport – fietsen en golfen -, het winkelen, de ontspanning, dat was Brugge. Tot een paar weken voor zijn dood was hij present in zijn oude vriendenkringen, waar hij de vrolijkste en de aangenaamste van de bende bleef. De zo bekende en herkenbare warme stem klonk nog even vast, de guitige glimlach straalde nog even aantrekkelijk, de schalkse opmerking was nog even plezierig. Alsof er niets aan de hand was.

Maar natuurlijk was er iets aan de hand. Op een kwade februaridag van vorig jaar was het onverbiddelijke verdict gevallen. Het anderhalf jaar dat daarop volgde zal ons in het geheugen gegrift blijven. Guido reorganiseerde zijn leven, onderwierp zich aan de therapieën, regelde wat moest geregeld worden, en besliste hier en nu dat de ziekte niet in de weg zou komen van een zo normaal mogelijk leven. Hij heeft nooit intenser het familiale geluk beleefd dan tijdens die dagen en weken die, zoals hij al vlug besefte, geteld waren.

Hoe hij als publieke persoon met de ziekte is omgegaan, zullen we nooit vergeten. De openheid en moed die hij betoonde, de steun die hij hiermee gaf aan lotgenoten en hun families, de gelijkmoedigheid en vreugde die hij uitstraalde, het waren zo vele uitingen van de grote mijnheer die hij ook bij deze fatale tegenslag bleef. Als zovele onbekenden om hem treuren alsof ze een naaste familielid verloren, dan zegt dat veel over Guido en over hoe hij in zijn grote edelmoedigheid werd aangevoeld. Zijn laatste dagen bracht hij door in de intieme kring van hen die hem het liefst waren en hij nam vredig en moedig afscheid. Met de apostel Paulus kon hij zeggen: ‘Ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop volbracht’.

Hier zijn we dan, met zo velen samen in deze kerk en met nog heel veel anderen die thans in gedachten bij ons zijn, We vormen rond Guido een warme kring, waarin jij Trien samen met hem het middelpunt bent. Elkeen van ons roept tijdens deze dienst in gedachten de herinneringen op die hij of zij heeft aan die lieve man, die je terecht altijd ‘schat’ noemde. We zouden willen zeggen zoals Lamartine ‘O temps, suspend ton vol’ of zoals Goethe ‘Verweile doch, du bisst so schön’, om in deze vriendenkring nog een hele tijd bij Guido en de goede herinneringen te vertoeven. We zullen hem in de komende dagen ongetwijfeld vaak in onze gedachten bij ons hebben en blijvend de herinnering aan hem in hoge eer houden.

Beste Jeroen, lieve Bieke, mijn petekind Maarten, jullie waren natuurlijk zijn oogappels. Hij heeft aan u de grootste voldoeningen tijdens zijn korte leven te danken, u hebt met uw echtgenoten zijn gezin verruimd en u hebt hem de vreugden van het grootvaderschap geschonken. Samen met Uw Mama zult u, méér dan wie ook, de onmetelijke leegte aanvoelen die dit heengaan schept. Er blijven evenwel troostende woorden mogelijk. Guido heeft u immers niet alleen de uitstekende en beginselvaste opvoeding gegeven die aan zijn hoge standaarden beantwoordde, maar u een vol en bruisend leven laten meeleven, waarvan de herinneringen zullen nazinderen. Vooral draagt u drieën Guido in u verder en zal de fierheid over zo een vader en de dankbaarheid, uw verdere leven begeleiden.

Andries Van den Abeele

www.andriesvandenabeele.net